Roos heeft medicijnen nodig

A2 · Speaking · Describe a picture

Task

Roos heeft medicijnen nodig. Vertel waar Roos is. Noem twee dingen die de mensen doen. Vindt u het zelf makkelijk om medicijnen te halen? Vertel ook waarom. Gebruik het plaatje.

Roos staat bij de balie van een apotheek. Ze geeft een papier aan een medewerker. Hij pakt een doosje.
Sentence starters
  • Roos is bij …
  • Roos … en de medewerker …
  • Medicijnen halen vind ik …, want …