Een nieuwe koelkast kiezen
Uw koelkast is kapot. U koopt een nieuwe. Kiest u een kleine of een grote koelkast? Vertel waarom. Zeg ook iets over het andere plaatje. Kies een van de plaatjes.


Sentence starters
- Ik kies de …
- Deze koelkast is handig, omdat …
- Op het andere plaatje …