Karim gaat op vakantie

A2 · Speaking

Task

Karim gaat op vakantie. Kijk naar de plaatjes. Vertel wat Karim doet. Vertel iets over alle plaatjes.

Een man doet kleren in een koffer.
1
Een man zet een koffer in de auto.
2
Een man zit bij een tent aan een meer.
3
Instruction

10 seconden voorbereiden · 40 seconden spreektijd

  • Say what Karim does in the first picture.
  • Say what Karim does in the second picture.
  • Say what Karim does in the third picture.
Sentence starters
  • Eerst doet Karim … in zijn koffer.
  • Daarna zet hij … in de auto.
  • Op het derde plaatje zit hij …