Welke fiets moet Roos kopen?
Uw vriendin Roos wil een nieuwe fiets kopen. Ze woont op driehoog zonder lift, ze heeft niet veel geld en ze wil de fiets volgende week al gebruiken. Ze twijfelt tussen twee fietsen uit dezelfde winkel. Bekijk de tabel. Adviseer Roos welke fiets het beste bij haar situatie past. Noem minstens twee punten uit de tabel en ook een nadeel van uw keuze.
| Kenmerk | Fiets 1 | Fiets 2 |
|---|---|---|
| Prijs | € 379 | € 549 |
| Gewicht | 21 kilo | 15 kilo |
| Garantie | 1 jaar | 3 jaar |
| Levering | direct mee te nemen | over drie weken |
Sentence starters
- Ik zou fiets … nemen.
- Die fiets is … en …
- Dat is belangrijk voor jou, omdat je …
- Het nadeel is …, maar je kunt …