In de rij bij de kassa
Karim staat in de rij bij de kassa van de supermarkt. Vertel wat Karim gaat kopen. Vertel ook wat u van wachten in de rij vindt. Gebruik het plaatje.

Instruction
10 seconden voorbereiden · 40 seconden spreektijd
- Say what you see in the picture.
- Name at least two things Karim is going to buy.
- Say what you think of waiting in a queue.
Sentence starters
- Karim staat in de rij bij …
- In zijn mandje zitten … en …
- Wachten in de rij vind ik …, want …