Regen bij de bushalte

A2 · Spreken · Een plaatje beschrijven

Opdracht

Sabrina gaat naar haar werk. Het regent. Vertel wat u ziet. Noem twee dingen die de mensen bij de halte doen. Vertel ook wat u van reizen met de bus vindt. Gebruik het plaatje.

Een vrouw met een paraplu staat in de regen bij een bushalte; een oudere vrouw zit onder het dak van de halte en de bus komt eraan.
Beginzinnen
  • Ik zie een … in de regen.
  • Sabrina … en een vrouw …
  • Reizen met de bus vind ik …, want …