Druk in de keuken

A2 · Spreken · Een plaatje beschrijven

Opdracht

Fatima is thuis met haar kinderen. Het is druk in de keuken. Vertel wat u ziet. Noem twee dingen die de mensen doen. Vertel ook wat u van samen koken vindt. Gebruik het plaatje.

Een vrouw roert in een pan, een jongen snijdt groente en een meisje zet borden op tafel.
Beginzinnen
  • Ik zie Fatima en haar kinderen in …
  • Fatima …, haar zoon … en haar dochter …
  • Samen koken vind ik …, want …