Vraag naar een logeerkamer
Uw familie komt een weekend op bezoek. Een buurthuis verhuurt een logeerkamer. Schrijf het buurthuis.
- Zeg wanneer uw familie komt.
- Vraag of de kamer vrij is.
- Vraag wat één nacht kost.
Beginzinnen
- Mijn familie komt op …
- Is de kamer dan …?
- Wat kost één nacht …?
Klopt de tekst? Pas aan waar nodig.